OM DE ZALIGMAKENDE GENADE TE SCHENKEN,

GEEFT DE HEER

AMBTEN EN GAVEN DES HEILIGEN GEEST.

Mattheus 23:34:

Hoewel, sedert de eerste Kerk de ambten en gaven van de Heilige Geest verloren zijn gegaan, zegt de Heer hier: "Ik zal zenden".

Vroeger erkende het Oude Verbondsvolk wél de profeten .Heden erkent men alléén nog maar de herders en leraars en kan men het geloof niet meer opbrengen dat er ook in onze dagen nog ambten en gaven van de Heilige Geest in de Kerk aanwezig moeten zijn.

"Ik zal zenden", dient dus als bewijs dat er in de toekomst nog profeten en apostelen zouden worden gezonden.

Hier wordt het eerst het profeten-ambt genoemd, hoewel dit niet het bóvenstaande ambt is.!

Maar, dóór de profetie zou de Heer weder apostelen roepen en stellen.

Wanneer wij nu Mattheus 22:11-10 lezen, dan zien wij dat de dienstknechten die hier worden uitgezonden om uit te nodigen voor de bruiloft, geen gehoor vinden.

Zij, die nml. de vrienden waren, de Hogepriester en de Priesters van Israël, hebben de Here Jezus niet aangenomen Toen zond de Heer wederom knechten uit, doch de Hoofden der Kerken hebben ook deze dienstknechten niet willen aannemen.

Hierop zijn deze knechten voor de derde maal uitgezonden en zijn toen gaan werken onder het volk.

Driemaal werden zij dus gezonden. Driemaal werd er dus geroepen.

1e maal geroepen het Joodse volk
2e maal getrouwen NT martelaren
3e maal uitverkoren NT.verzegelden-de Bruid

vers 3:1e maal: het getuigenis van Jezus verworpen en Hem gedood.

vers 5: 2e maal: De Hervorming is wel goed begonnen,maar niet tot het volle licht gekomen;(vervolging en martelaren) en weer vermengd met het aardse, zoekende naar steun bij regering en staat.

vers 9: 3e maal: In 1830 stort de Heer andermaal Zijn Heilige Geest uit en herstelde het Apostolisch Profetisch Getuigenis. (Manifest). Uitgezonden op de uitgangen der wegen, roepende tot de Bruiloft waardoor de Bruid, verzegelden. zich vormt, welke, met de Bruidegom vereend het Bruiloftsmaal zal vieren met de gasten.

Aanzittende gasten: Oud Testamentische getuigen en martelaren.

De knechten zijn dus gaan werken onder het volk en geven hen het juiste voedsel--(woord)--in de Evangelieverkondiging naar de Schriften. zie ook: Matth.24:45-47, de spijsbezorgers.

Eventueel hierbij lezen: 2 Koningen 4:1-7:

vrouw: H.A.Z.K.

2 zonen: 2-voudig getuigenis: Apostel- en Evangelistenambt.

buren en ledige vaten: christenen die gevuld moeten worden met olie, de Heilige Geest.

Verkopen--schuldheer--satan.

Werkende met de talenten:
Mattheus 25:14-29 .

De knecht, die 5 talenten ontvangt, (5: getal der onvolkomenheid), ontvangt er 5 bij en heeft dus 10 talenten, ofwel het koninkrijk Gods ontvangen.

De dienstknecht die 2 talenten, doop en avondmaal, ontvangt, krijgt er twee, de H.Geest, talenten bij.

De dienstknecht echter die 1 talent, de doop, heeft ontvangen, die wint er niets bij omdat hij zijn talent begraaft in de aarde, de aardse dingen, en er dus niet mee werkt om het te vermeerderen.

In plaats van bij de doop ook nog de verzegeling te ontvangen, begraaft hij zijn talent dus onder allerlei aardse dingen, zodat, wanneer de Heer wederkomt, hij totaal geen winst kan tonen.

Evenals de Farizeeën éérst de werken deden en daarná óók nog wel wát aan het geloof.

De Heer zegt hier echter van: "Gij legt het volk lasten op, zwaar om te dragen." Lukas 11:46.

In het jaar 1830, heeft de Heer wederom profeten gezonden opdat wij naar hun stem zouden luisteren.

De waarschuwing in Mattheus 23:37,38, geldt ook heden nog voor ons.

Jeruzalem: beeld van de christenheid die verzameld wordt onder de vleugels van het Apostolisch-Profetisch Geteuigenis, maar het niet willen aannemen en dus de profeten stenigt.

Woeste en ledige huis: beeld van de kerk waarin de viervoudige bediening en de gaven van de Heilige Geest ontbreken.

Eventueel hierbij aanhalen: Genesis 24:1-27, 53, en 58-67. (Izaäks huwelijk)

Abraham: Vader der gelovigen, God de Vader

Isaäc: Zijn Zoon, Jezus Christus.

Eliëzer: Boodschapper, dienstknechten

Rebecca: Reine Maagd, Bruid van Jez.Christus, 2 Cor.11:2

Gouden Voorhoofdsiersel: Verzegeling.

Sieraden: Gaven van de Heiligen Geest. Alzo versierd, mét de knechten des Heren optrekken naar de Hemelse Bruidegom.

Lukas 11:49,50.

Wát is de wijsheid Gods ?, zie:

Het Woord dat in de beginne was: 1 Joh. 1: 1-12.

De wereld is door Hem, het Woord, gemaakt.

Woord: iets produceren, scheppen, de barende macht, vlees geworden, is dus Jezus Christus.

Dat is dus de wijsheid Gods, die al in het Paradijs werd geopenbaard in Genesis 2:10-14.

In dit tekstgedeelte wordt een uitvoerige beschrijving gegeven van de vier rivieren, deze beschrijving moet dan ook een vérstrekkende betekenis hebben.

De Hoofdrivier is het schaduwbeeld van God Jehova, waaruit de andere vier rivieren worden gevoed.

1: Pison:- uitgietende stroom, het apostelambt: Hebr. 3:1

2: Gihon: met geweld voortbrengende, het profetenambt: -Luk.24:19

3: Hiddekel: snelle stroom, het evangelistenambt: Matth.11:5

4: Frath: zoetwaterstroom, het herderambt, -Hebr.13:20

Dit viervoudig-ambt vinden wij óók uitgebeeld in de vier hoornen van het altaar.

Het altaar: Jezus Christus, uit wien de genade voortkomt door middel van de vier hoornen, het beeld van de schuldvergeving.

Oók in de vier kleuren van de kleding van de Hogepriester.

Deze kleding bestond uit de kleuren:

Purper: Koninklijke macht: het apostelambt.

Hemelsblauw: profetenambt.

Scharlaken: evangelistenambt.

Linnen (wit): herderambt.

Deze vier ambten, én het Hogepriesterlijk-ambt, zijn voorzegd in Jesaja 9:5, namelijk:

Als Vader der Eeuwigheid: Hogepriester.

Als Sterke God: Apostelambt: Hebr. 3:1

Als Wonderlijke: Profetenambt: Luk.24:19

Als Raad Gods: Evangelistenambt: Matth.11:5.

Vredevorst: Herderambt: Hebr.13:20.

Dit werk werd ook reeds afgebeeld in de vier hoogst geschapen wezens in Ezechiël 1:10.-- (zie ook Openbaring 4:7)---.

1 Korinthe 12:4-12 en 27,28.

Vers 27: Het lichaam des Heren, de gemeente, heeft verschillende leden.

Hij is het Hoofd: 1Kor.11:13; Efeze 5:23;Coll. 1:18.

Zijn rechterarm: het apostelambt: Hooglied 2:6

Zijn linkerarm: het profetenambt: Hooglied 2:6

Zijn rechtervoet: het evangel.ambt: Openb. 10:2

Zijn linkervoet: het herderambt: Jesaja 52:7

Zó openbaart de Heer Zich in Zijn gemeente als de Opgestane.,zoals Hij in Johannes 20:27 persoonlijk aan Thomas liet zien. Hierbij toonde Hij de steek in de zijde, welke ook de gaven in de gemeente aanduidt.

De vrouw, gemeente, is uit de rib, zijde, van de man gevormd en dus wijst die wonde op de gemeenschap tussen Christus en de gemeente, dóór de Heilige Geest.

De Heer, Die de Heilige Geest in volheid, Joh.3:34, en de volle gemeenschap met de Hemel bezat, Joh.1:52, had daardoor de zeven gaven des Heiligen Geestes volgens het geschrevene in Jesaja 11:2.

Op Hem rustte:

1.de Geest des Heren;

2.de Geest der Wijsheid;

3.de Geest des Verstands;

4.de Geest des Raads;

5.de Geest der Sterkte;

6.de Geest der Kennis;

7.de Vreze des Heren.

Deze zeven gaven waren ook reeds afgebeeld in de Zeven-armige Kandelaar in het Heilige van de Tabernakel, en in de Steen met Zeven ogen. Zacharia 3:9.

Wij vinden deze 7-gaven terug in het lichaam, gemeente, des Heren:

1.de gave der wijsheid en kennis;

2.de gave des geloofs;

3.de gave der gezondmaking;

4.de werking der krachten;

5.de gave van profetie.(dromen en visioenen)

6.de gave der onderscheiding der geesten;

7.de gave der menigerlei talen en uitlegging der talen.

Zó wordt in de gemeente het Verbond met God aanschouwd,waarvan reeds de zeven-kleurige regenboog het voorbeeld was: Genesis 9:13.

De zeven hoofdkleuren zijn: Oranje; Rood; Geel; Groen; Blauw; Paars; Violet.

De regenboog is alleen zichtbaar , wanneer de volgende dingen aanwezig zijn:

Zon: God de Heer, Psalm 84:12;

Regen: Heilige Geest, Hosea 6:1-3;

Hemel: Kerk van Christus, Efeze 2:4-6.

Zo ook alléén de gaven aanwezig wanneer Christus dóór de Heilige Geest werkzaam is in de gemeente.

Zeven: is dan ook het getal der openbaring Gods in de mensen.

Drie: Het Heilige getal; Vader, Zoon en Heilige Geest.

Vier: getal der aarde, 4 winden, 4 hoeken.

Drie en vier vormen tesamen het getal zeven: is dus de openbaring Gods in het menselijke,ofwel Zijn Geest, gegoten en geopenbaard in de mens: Joël 2:28,29 en Handelingen 2:14-18.

De Heer had dit alles persoonlijk in Zich, Coll.2:9,evenals het viervouwig ambt, zoals wij hebben gezien.

Máár,zo als dit viervoudig ambt óók in VIER mensen is gelegd, zo zijn óók de zeven gaven in de gemeente in verschillende leden daarvan, gelegd.

Dit alles dient tot opbouwing van het gehele lichaam als een volkomen man, tot de mate der grootheid en der volheid van Christus zoals wij zullen zien in: Efeze 4:11-16.

Wij zagen dat 4 het getal der aarde is, nml, de vier hoeken, de vier winden, enz.

De karakters der mensen worden ook in vier hoofdafdelingen gerangschikt, te weten:

Cholerisch: A: de wil; B:de fantasie of verbeeldingskracht.

Flegmatisch: verstandelijk

Melancholisch: gevoelig.

Zo zien wij dus dat de Heer de ambten en gaven aan Zijn lichaam, gemeente, gegeven heeft totdat wij allen zullen komen tot de EENHEID des geloofs.

Deze eenheid is nu nog vér te zoeken, dus moeten de ambten en de gaven OOK NU NOG in de gemeente aanwezig zijn.!

Maran-atha.!

De Heer Komt.!

Terug naar: Leerstellingen der HAZK